Omroepstem: NPO Radio 1. BNNVARA.
Bemshi de Visser: Een knikje met je hoofd, gewoon heel even. Je merkt het zelf niet eens. Maar een grote gespierde man knikt vrolijk terug. Geen idee wie het is, maar ja, oké, gegroet is gegroet. Dit gebeurt onze gast al jaren. En toen dacht hij: geen idee eigenlijk waarom ik hier zo vaak gegroet word, maar uiteindelijk kwam de openbaring: Gilles de la Tourette. Daarover schreef hij een boek. En dat boek heet Raar, Tourette en ik.
Omroepstem: Bemshi de Visser. De Nacht van BNNVARA.
Bemshi de Visser: Een hele goede nacht, welkom hier bij De Nacht van BNNVARA. Mijn naam is Bemshi de Visser. En elke dinsdag nemen wij hier de tijd voor een gesprek dat je overdag misschien minder snel voert. Met mensen die het allemaal net iets anders doen, ze inspireren, ze willen je dingen leren. En onze gast van vannacht is schrijver Ivo Teulings. Hij werkte als correspondent in Latijns-Amerika, woonde en werkte in Cuba en Chili en ging op gonzo roadtrip langs de coca-mafia van de Costa del Sol. Zelf woont hij inmiddels in Málaga en deze zomer verscheen zijn boek Raar, Tourette en ik. Hierin schrijft hij voor het eerst in wat voor dolkomische situaties hij terechtkomt dankzij zijn tics. Een hele goede nacht, morgen, Ivo, wat zeggen we?
Ivo Teulings: Goeiemorgen. Nacht eigenlijk.
Bemshi de Visser: Toch nog wel, hè? Nee, maakt niet uit.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Het is laat. En hoe ligt Málaga er nu bij deze nacht?
Ivo Teulings: Het is broeierig warm.
Bemshi de Visser: Oh, en dan over hoeveel graden hebben we het dan?
Ivo Teulings: Nou, tegen dertig en een beetje vochtig.
Bemshi de Visser: Oké.
Ivo Teulings: Ik heb hier een handdoek naast me liggen om zo nu en dan even mijn gezicht af te vegen.
Bemshi de Visser: Oh, nou ja, dat klinkt natuurlijk niet ideaal, maar het klinkt wel lekker eigenlijk, dat het daar nog zo warm is.
Ivo Teulings: Nee, heerlijk. Nee, maar ik hou van de hitte en daarom ben ik ook hier gaan wonen, want ik heb liever hitte dan kou. Ik heb hier niet eens centrale verwarming, dus dat heb ik niet nodig.
Bemshi de Visser: Ongelofelijk. En wel de airco neem ik aan.
Ivo Teulings: Ja, maar die gebruik ik heel weinig. Vannacht denk ik wel, dan zet ik hem even op 26 graden. Dus net eventjes dat de top er vanaf is.
Bemshi de Visser: Oké.
Ivo Teulings: Nee, ik vind het heerlijk.
Bemshi de Visser: Ja, klinkt goed. Ik zie het helemaal voor me, een heerlijke broeierige Spaanse nacht. We gaan het hebben over je boek Raar, momenteel te vinden in geselecteerde boekwinkels en uiteraard online, maar hij ligt op de zelfhulpafdeling. Is dat de juiste plek, als we het jou vragen?
Ivo Teulings: Nee, helemaal niet, want het is gewoon literatuur. Kijk, ik ben een boek gaan schrijven omdat... Het is een lang verhaal. Een vriend van mij, Arthur van Amerongen, die begon erover: Schrijf nou een keertje iets over die Tourette van jou. Daar heb ik eigenlijk nooit over nagedacht. Dat is gewoon iets wat mij ooit is overkomen 45 jaar geleden en nooit is weggegaan. Mijn stijl is humor. En ik heb nooit stilgestaan bij wat Tourette is. En ik zou ook geen zelfhulpboek kunnen schrijven, want daar ligt het eigenlijk tussen, bij die boekhandel. Ja, ik zou niet weten wat je ertegen kan doen. Ik heb het gewoon, het is een onderdeel van mijn leven, maar het speelt voor de rest geen rol in mijn leven. Ik zou niemand kunnen zeggen: wat kun je ermee doen? Niks. Gewoon doorgaan met je leven.
Bemshi de Visser: Ja, maar dat is dan niet ook een manier van andere mensen helpen door gewoon een boek te schrijven over Gilles de la Tourette en dat je gewoon een normaal leven kan leiden?
Ivo Teulings: Ja, misschien wel. Kijk, één procent van de bevolking heeft dat en die zullen daar allemaal wel een eigen gedachte over hebben. Ik kan me voorstellen, als je een kind hebt dat dat heeft, dat je denkt: godverdomme, die wordt misschien gepest op school. Of: hoe gaat het later in zijn of haar leven met werk, vriendschap, liefde? Nou, in mijn geval is het in ieder geval geen groot probleem geweest. Ik kan niet voor iedereen spreken en ik heb ook nog een hele lichte mate. Ik knik een beetje met mijn kop en ik trek wat gekke bekken. Je hebt ook mensen die gewoon echt allemaal andere stoornissen daarnaast hebben. Daar kan ik niet over meepraten natuurlijk. Maar in mijn geval kan ik gewoon zeggen: ja, het is allemaal niet leuk, maar ja, het heeft mij nooit geschaad.
Bemshi de Visser: Nee, exact. En laten we even voor de mensen die een geheugensteuntje nodig hebben: wat is nou de definitie van Gilles de la Tourette? Wat houdt het in?
Ivo Teulings: Ja, de definitie zou ik niet weten, maar het is volgens mij onderdeel van een neurotisch syndroom waardoor je — ik heb er nooit over nagedacht eigenlijk — vanuit een soort dwanggedachte bepaalde dingen doet, dus tics. Tourette is natuurlijk het meest bekend om die zogenaamde scheldtics, weet je wel, mensen die gewoon alleen maar gaan schelden en die daar niet mee kunnen ophouden. Maar dat is volgens mij maar een klein gedeelte van mensen met Tourette. Ik heb het in ieder geval niet, gelukkig niet, want het is natuurlijk sociaal wat minder handig. Maar ja, allerhande tics, en daar komt vaak van alles en nog wat bij kijken. In mijn geval niet. Het gaat vaak samen met andere stoornissen, zoals ADHD. En ja, dit is eigenlijk een vraag die je aan een neuroloog zou moeten stellen, dat weet ik gewoon niet precies.
Bemshi de Visser: Nee, oké, maar dat is een beetje hoe het uitkomt. Gilles de la Tourette is een syndroom vernoemd natuurlijk naar de Franse arts Georges Gilles de la Tourette. In je boek noem je hem waarschijnlijk de meest sneue persoon die op deze aardkloot heeft rondgelopen. Dat moet je even voor me uitleggen, Ivo.
Ivo Teulings: Nou ja, omdat hij daar in, volgens mij, de negentiende eeuw mee begon. Hij had allemaal mensen bij elkaar verzameld die tics hadden. En hij had allemaal bepaalde ideeën over waar het vandaan zou komen. En op een gegeven moment kreeg hij zelf allemaal problemen. Dan kreeg hij ook nog eens syfilis. En dat kroop naar zijn hersenen, die begonnen op een gegeven moment te koken. Dus hij is op heel ellendige wijze aan zijn eind gekomen.
Bemshi de Visser: Ah, oké. Dus dat verklaart een beetje hoe jij hem hebt omschreven. En ik hou ontzettend van geschiedenis. En in je boek behandel je ook wat context over Gilles de la Tourette, om dat toe te lichten. Je hebt het ook over allerlei behandelingen die men vroeger heeft bedacht voor het syndroom. Want hoe dachten ze vroeger nou dat je ervan af zou kunnen komen?
Ivo Teulings: Ja, god, dat staat in mijn boek, weet ik eigenlijk niet. Ik heb heel lang...
Bemshi de Visser: Nou, ik heb een paar voorbeelden wel. Dat bijvoorbeeld het roken van cannabis zou kunnen helpen. Alternatief: slangenolie, geneesheren die zijn eigenlijk maar van alles aan het bedenken om met een oplossing te komen.
Ivo Teulings: Ja, precies. En dat zijn allemaal duidelijk mensen die zelf geen Tourette hebben. Want ja, in mijn geval is het zo, het zit gewoon ergens diep in mijn kop. Toen ik dit als kind kreeg, dertien, veertien jaar was ik, wist ik al vrij snel: dit gaat gewoon niet weg. Dus het is gewoon een onderdeel van mij, het zit diep in mijn kop. En dan kunnen we allemaal dingen verzinnen, ja, het roken van cannabis. Als ik een jointje rook, dan ben ik vertrokken en dan heb ik inderdaad geen tics meer. Maar dat is een beetje, ja...
Bemshi de Visser: Heb je überhaupt niks meer.
Ivo Teulings: Ja, heb ik sowieso niks meer. En wat ze ook vaak zeggen: je moet mensen dan dwingen om heel lang die tic niet te doen. Maar dan wordt het juist erger, tenminste in mijn geval.
Bemshi de Visser: Ja, want kan je me meenemen naar wat er dan eigenlijk in je hoofd precies gebeurt als je zo'n tic hebt? Want je zegt net ook: als ik me erop ga focussen, dan wordt het erger.
Ivo Teulings: Kijk, die tic, ik heb het helemaal niet door, want je begon die intro ook heel leuk, dat is een beetje een running gag. Vanmorgen nog, dan loop ik over straat en ik word steeds gegroet door mensen en dan denk ik: hé, ken ik die? En dan groet ik terug. En dan plots valt het kwartje, dat heb ik al veertig jaar lang. Oh nee, ze groeten mij terug, want ze denken dat ik hun groet. En dat is heel raar, dat blijft maar doorgaan. Ik heb het dus niet door dat ik het doe. Ik noem het in het boek Lady Tourette, die bestuurt dan een deel van mijn lichaam dat die tics aanstuurt. Maar als ik me er dan mee bezighoud, als ik zeg: oké, ik wil nu even niet met mijn kop schudden of eventjes niet zo raar met mijn lippen trillen of zo — ik heb steeds nieuwe tics — dan ben ik ermee bezig en dan word je gek, want ik kan het best even een minuut lang niet doen, maar dan ben ik gewoon met negentig procent van mijn hersencapaciteit bezig om die tics tegen te houden.
Bemshi de Visser: Oké. Ja,
Ivo Teulings: In mijn geval is het zo.
Bemshi de Visser: Ja, precies. Ivo, ik ga heel even...
Ivo Teulings: Nee, het ontstaat automatisch, het gaat helemaal buiten me om. Ik heb het niet door, maar als ik zeg: oké, ik moet nu eventjes gewoon normaal doen, dus niet raar,
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Dan vliegt de boel in de fik. Dat moet ik zo niet doen.
Bemshi de Visser: Ja, dan maak je het alleen maar erger.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Ivo, ik ga heel eventjes, want af en toe hoor ik een kleine storing op de lijn. Dus wat ik ga doen is, ik ga heel eventjes een nummertje draaien. Gaan we even die problemen oplossen en dan kom ik meteen bij je terug.
Ivo Teulings: Ja, oké.
Bemshi de Visser: Oké, spreek ik je zo. En intussen hoor je hier ‘I’m a Midnight Mover’.
Bemshi de Visser: ‘I’m a Midnight Mover’ van Bobby Womack hier. De verbinding is weer hersteld.
Bemshi de Visser: Het is live radio, dames en heren, dus af en toe heb je een technische error, want mijn gast zit natuurlijk heerlijk in het broeierige Málaga. En dan heb ik het natuurlijk over Ivo Teulings, de schrijver met wie we daarnet zijn begonnen, Ivo, en eigenlijk een soort introductie hebben gekregen van Gilles de la Tourette.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: En ik vraag me dan toch af: wanneer kwam jij erachter van, hé, ik doe toch iets geks met mijn hoofd zo nu en dan? Hoe oud was je toen, weet je dat nog?
Ivo Teulings: Nou, niet precies. Ik denk dertien jaar of zo, dertien, veertien jaar. Ik zat net op de middelbare school.
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Op een gegeven moment begon ik met mijn hoofd te tikken en te knikken, en volgens mij begon het daarmee. En toen begon het hele circus, dat ik naar een neuroloog werd gestuurd en een psycholoog, en ik kreeg allemaal onderzoeken en elektroden op mijn kop. En het rare is dat nooit de diagnose Tourette is gesteld. Of die is gesteld, maar ze hebben het niet aan mij medegedeeld. En ik kreeg gewoon te horen van: ja, oké, hier heb je een pot met pillen, valium of zo, of iets dergelijks. Neem dat maar. Heb ik nooit genomen. En dat was het eigenlijk.
Bemshi de Visser: Dat is een bijzondere diagnose, dat het compleet ontbreekt.
Ivo Teulings: Ja, een paar jaar geleden las ik toevallig iets over Tourette, en ik dacht dus altijd van: nou, dat zijn die mensen die op het plein staan mensen uit te schelden. En toen dacht ik: hé, fuck, dit heb ik. Ja, kennelijk heeft het beestje een naam: Tourette.
Bemshi de Visser: En dan ben je toen... Ja, wat wou je zeggen?
Ivo Teulings: Nou, zo is het ook gegaan. Die diagnose is nooit gesteld, officieel.
Bemshi de Visser: En heb je daar toen iets uit kunnen halen, dat je toch dacht: oh, misschien is dit dan toch wat ik heb? Gewoon een soort rust, of deed dat iets met je?
Ivo Teulings: Nee, het gaf geen rust, want ik leef er al zo lang mee. Het is gewoon onderdeel van mij en ik weet gewoon dat het niet weggaat. Ik heb er wel berusting in, maar het is wel leuk dat het een naam heeft. Ja,
Bemshi de Visser: Precies. Geef het beestje een naam. Want jouw tics zijn relatief onschuldig. Het is dus niet zoals de bekende voorbeelden van dat schelden of grommen, echt die vocale tics. Kunnen tics ook verdwijnen?
Ivo Teulings: Ja, zeker. Want dat schudden met mijn hoofd, dat is echt gewoon mijn hele leven al eigenlijk. Maar het leuke van Tourette is, er komen steeds allemaal tics bij. En die komen op en verdwijnen na verloop van tijd weer. En er komt weer iets nieuws bij. Je hebt eigenlijk nooit maar één tic.
Bemshi de Visser: Oké. En dan ben je dus een boek aan het schrijven over Tourette, over de tics. Moet je dan niet ontzettend oppassen dat je daardoor niet nog meer tics creëert?
Ivo Teulings: Door erover te schrijven?
Bemshi de Visser: Ja, omdat je er dan zoveel mee bezig bent, denk ik.
Ivo Teulings: Nee, sterker nog, wat ik al zei: ik ben er eigenlijk nooit echt mee bezig geweest. Maar toen ik dat boek aan het schrijven was, moest ik natuurlijk wel graven in mijn geheugen naar wat er allemaal gebeurd is de afgelopen jaren, wat voor belevenissen heb ik gehad waar dat een rol in speelde. Toen dacht ik: oh ja, ik had tien jaar geleden, of twintig jaar geleden, van die rare kuchjes en ik trok een beetje met mijn armen. Ik dacht: ah fuck, ik moet er niet te veel aan denken, want straks komt het terug.
Bemshi de Visser: Ja, en is het teruggekomen?
Ivo Teulings: Nee, maar ik dacht: ik moet wel snel het boek afschrijven. Anders zit ik straks met de gebakken peren.
Bemshi de Visser: Ja, nee, daar heb je niks aan. Maar er is niks teruggekomen daarvan, van de oude? Oké. Je boek natuurlijk, waar we het net over hadden, Raar, Tourette en ik, ligt in de winkels. Maar waarom is de titel raar?
Ivo Teulings: Nou, omdat Tourette natuurlijk raar is.
Bemshi de Visser: Hè.
Ivo Teulings: Het is raar. Nou, zoals ik al zei, ik sta er zelf eigenlijk niet bij stil, maar heel af en toe is er ergens een gebeurtenis of een belevenis waar ik dan bij aanwezig ben en die dan wordt gefilmd en dan zie ik zo'n filmpje later terug en zie ik opeens iemand met z'n kop schudden, gekke bekken trekken, en denk: ja, doe normaal man. En dan denk ik: oh fuck, dat ben ik. Ja, het is raar. Het valt mij anders niet op. Daarom zeg ik ook in mijn boek: Tourette is een druk aapje dat op je rug zit en dat vooral anderen opvalt.
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Zo is het. Dus het is raar.
Bemshi de Visser: Maar hoor je dat ook terug van mensen die jouw gedrag dan proberen te verklaren, dat je raar bent of zenuwachtig?
Ivo Teulings: Helemaal niet, helemaal niet. En dat vind ik ook vreemd, hè. Ik ben ook nooit gepest of zo op school, wat je zou verwachten. Ik heb nooit problemen gehad met vriendschappen of met mijn werk of in de liefde ook niet. Ik zou zeggen dat je dan, om het oneerbiedig te stellen, alleen maar een vrouw van het tweede garnituur krijgt. Want ja, wie neemt dan iemand in huis met van die rare tics? Maar kennelijk speelt dat geen rol. En dat vind ik ook raar eigenlijk.
Bemshi de Visser: Dat het zo normaal gevonden wordt. Nou
Ivo Teulings: Ja, dat het geen rol speelt.
Bemshi de Visser: Waarom zou het een rol spelen, denk je?
Ivo Teulings: Maar ik kan me voorstellen dat je, als je kan kiezen, liever iemand hebt die zijn hoofd een beetje stilhoudt. Nou ja, goed. Maar vind jij het niet raar? Het is toch raar? Ik bedoel, ja, misschien niet politiek correct om dat te zeggen, maar het is gewoon raar.
Bemshi de Visser: Ja, weet ik niet. Ik heb zelf een neef die heeft ook Tourette, dus ik ben daar gewoon... Ik vind het niet... Je went er een beetje aan of zo. Ik weet niet of ik het per se raar vind. Ik doe ook gekke dingen. Ik tril de hele dag door met mijn been. Is ook raar.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Dus…
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Het valt me allemaal niet zo op. Maar je opent je boek ook met de anekdote over een beer van een vent. Je noemt hem zelf een formaat professionele afzuiginstallatie, die jou tegemoet loopt en een knikje geeft alsof je hem kent. Ik kan me zo voorstellen dat je door jouw specifieke tic van eigenlijk het groeten van mensen soms de meest rare sjofele types ontmoet. Is dat wel eens voorgekomen?
Ivo Teulings: Zeker. En aan de lopende band, en dat staat ook in het boek, vroeger kwam ik vaak in een kroeg in Amsterdam, Lexington, aan de Willemsparkweg. Ik weet nog, het was echt een pleisterplaats van makelaars en beursbengels en andere criminelen, zeg ik dan, waaronder, hoe heet hij ook weer, Cor van Hout, die zat daar vaak.
Bemshi de Visser: Ja, de grote crimineel Cor van Hout.
Ivo Teulings: En die groette mij altijd als ik daar binnenliep. En mensen keken dan maar met enig ontzag naar mij, van: ja, want ik was natuurlijk gewoon een jochie van 24 of zo. Waarom wordt die gegroet door een zware crimineel? En ik had het ook niet helemaal door, dus ik groette maar terug. En ik zag toch dat mensen zeker ontzag hadden voor mij. Ja, maar dat heb ik aan de lopende band, hoor. Kennelijk is dat knikken van mij een hele coole knik. Ik word veel door mensen waar je normaal een straatje voor om zou lopen, gewoon joviaal gegroet.
Bemshi de Visser: Gezellig, ja, dan is het een positieve tik, jouw knik.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Want ik ga denk ik vragen naar een tijd in jouw leven waar ik het zometeen eigenlijk nog veel langer over wil hebben. Maar wat is eigenlijk de meest ongemakkelijke situatie die je hebt meegemaakt door je tics?
Ivo Teulings: Ongemakkelijk... Nou ja, dat staat ook in het boek, want je hebt eigenlijk van die huis-tuin-en-keuken ongemakkelijke zaken, bijvoorbeeld bij de tandarts, dat er moet worden geboord in een kies. En nou, dan is het wel handig als je je hoofd een beetje stilhoudt, want anders gaat je hele gebit eraan. En met mijn ogen was het net zoiets, toen ik die wilde laten laseren. In dat geval zat mijn hoofd helemaal vastgesnoerd. Ik kon ook geen kant op, maar dat is helemaal erg met Tourette, want als je vastzit en je wil lekker schudden, dan word je gek. Maar ik heb bijvoorbeeld een tijd in Cuba gezeten en daar, nou ja, dat is een lang verhaal, maar uiteindelijk kwam dat neer op spionage. Ik wilde in ieder geval papieren kopiëren die staatsgeheim waren. En ik dacht: ik ga gewoon naar de copyrette, zoals in Nederland, een copyshop. Maar toen bleek dat het geen zelfbediening was, dus ik had gewoon een hele stapel papier met daarop op iedere pagina heel dik "staatsgeheim" gedrukt. En ja, toen was iemand dat gewoon voor mij aan het kopiëren en ik had die nacht slecht geslapen. Dus ik was behoorlijk aan het schudden met mijn kop. En ik zag die man kijken van: waarom is die vent zo zenuwachtig? Ik dacht: nou, kijk maar naar mij, dan kijk je tenminste niet naar wat je aan het kopiëren bent. Ja, dat was wel eventjes eng.
Bemshi de Visser: Ja, want je weet natuurlijk niet wat er daarna volgt.
Ivo Teulings: Ja, dat weet je niet, nee. Maar achteraf is het een leuke anekdote.
Bemshi de Visser: Ja, gelukkig is het allemaal goed gegaan, heeft niemand doorgeluld dat jij daar staatsgeheimen aan het kopiëren was. Maar dat dus ook met dat schudden. En hoe zit dat bijvoorbeeld als je naar de kapper gaat? Want dan hou je jezelf ook heel erg voor: nou, geen tics nu, waardoor je het dan weer erger maakt, of hoe werkt dat?
Ivo Teulings: Ja, eigenlijk heb ik daar nauwelijks problemen mee. Maar weet je wat, soms heb ik er ook helemaal geen last van, hè... het is niet dat ik de hele dag door aan het knikken ben, soms wel, soms niet. En ik heb er bij de kapper nooit problemen mee gehad, nee.
Bemshi de Visser: En zijn het dan voornamelijk ook de momenten dat je zenuwachtiger bent, dat dan de kans op tics...
Ivo Teulings: Nee, maar het is wel zo dat als ik zenuwachtig ben en ik heb die tics en je ziet mensen naar je kijken, dan valt het op dat ik zenuwachtig ben omdat die tic dat vermeerdert. En dan gaat Tourette los, ja, dan wel. Maar ik kan soms heel zenuwachtig zijn en helemaal geen tics hebben, of ik kan helemaal zen zijn en helemaal schudden en gekke bekken trekken. Er is eigenlijk geen peil op te trekken, volgens mij is er weinig correlatie.
Bemshi de Visser: En ik hoorde je net zeggen: Lady Tourette.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Hoezo noem je het Lady Tourette?
Ivo Teulings: Nou, toen ik het boek aan het schrijven was, dacht ik: ik moet het een naam geven. En ik dacht, weet je wat, ik omarm dat syndroom en ik geef haar een naam. Dat is echt iets voor het boek, hoor. Ik dacht: ik moet gewoon even een naam geven, gewoon stilistisch. Maar ik vind het wel leuk gevonden eigenlijk.
Bemshi de Visser: Ja, het klinkt eigenlijk wel heel... Ik weet niet, het klinkt als zwoel.
Ivo Teulings: Ja, het is een beetje een vriendin waar ik een haat-liefdeverhouding mee heb. En ja, weet je wat ik al zei: het hoort gewoon bij me. Ik zou haar het liefst de deur uit trappen, maar dat kan helemaal niet.
Bemshi de Visser: Ja. Nee, dus Lady Tourette is helemaal omarmd.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Over jouw tijd in Cuba, waar we het net even over hadden, jouw James Bond-leven daar, wil ik het zo echt uitgebreid over hebben. Maar we maken eerst even plaats voor een mopje muziek. Want ik vroeg je namelijk welk nummer ik voor je zou kunnen draaien. En je kwam met ‘I've Been Watching You’. Waarom gaan we hiernaar luisteren?
Ivo Teulings: Ja, bij het voorgesprek kwam ter sprake dat ik veel van funk hou. En jouw collega Filomena zei: denk er even over na. Ik dacht: nee, ik ga er niet over nadenken, want dan moet ik van al die honderd platen die ik zou kunnen aandragen er eentje kiezen, daar heb ik geen zin in. Het was het nummer dat het eerst in me opkwam. En ook is het een lekker plaatje om midden in de nacht te draaien. Parliament, funk, zwoel. Ja, dit is gewoon een heerlijk nummer.
Bemshi de Visser: Nou Ivo, ik denk dat we er maar naar gaan luisteren. Dan draaien we nu ‘I’ve Been Watching You’ van Parliament.
Omroepstem: De Nacht van BNNVARA.
Bemshi de Visser: Bemshi de Visser. Je luistert naar De Nacht van BNNVARA. Deze nacht ben ik in gesprek met schrijver Ivo Teulings. Zijn boek Raar, Tourette en ik kwam deze zomer uit en ik ben met hem in gesprek over zijn Gilles de la Tourette, maar ook over de spannende avonturen waarin hij belandt. Misschien ook wel dankzij zijn tics. Voor de muziek hadden we het even kort over Cuba, maar Ivo, we gaan even helemaal terug. Jij studeerde internationale betrekkingen, kon supersnel rekenen, maar besloot er niks mee te doen. Want in plaats daarvan beland je op je 25e in Havana. Hoe gebeurt dat?
Ivo Teulings: Ja, hoe gebeurt dat? Ja, je studeert en daarna moet je het grote mensenleven in, moet je een baan zoeken. En ja, mensen die vlak voor mij waren afgestudeerd gingen een baan zoeken en de een ging bij een bank werken, de andere bij de overheid. En dan vroeg ik: hoe ziet zo’n dag bij jou eruit? En dan kwam er een antwoord dat me niet beviel. Nou, dat wilde ik dus in ieder geval even uitstellen. Cuba is natuurlijk altijd gesubsidieerd geweest door de Sovjet-Unie, dus heel leuk zo’n tropisch communistisch paradijs, vlak onder de Verenigde Staten. Maar na de val van de muur en de desintegratie van de Sovjet-Unie stopte de subsidie en toen moest Castro opeens zaken doen met de vijand, met de grote kapitalistische vijand. Dus er werd buitenlands kapitaal aangezocht om daarin te investeren, want ze produceerden helemaal niks. Ze maakten helemaal niks: sigaren, rum, ja, wat suiker, dat was het. Dus ze hadden geld nodig, investeringen, van buitenlanders. En ik dacht, weet je wat, ik ben afgestudeerd, ik spreek Spaans. En met die studie internationale betrekkingen wist ik ook een beetje hoe het er in dat soort landen aan toe ging. Dus ik dacht: ik ga daar naartoe en ik ga daar werken als intermediair tussen buitenlandse investeerders en de Cubaanse bureaucratie. Op zich een heel debiel plan, maar ik had geluk dat ik daar binnen no time een ontzettend netwerk had. Want ja, ik kwam al snel een jongen tegen, dat werd toen mijn beste vriend. Daar ben ik ook bij in huis gaan wonen. En zijn vader was minister geweest en die was ook de oprichter van Habanos, die sigarendistributeur over de wereld. Zijn zwager was chef van de geheime dienst, diens vader was minister van binnenlandse zaken.
Bemshi de Visser: Ah, je zat in een goed poeltje.
Ivo Teulings: Ja, mijn buurman was Philip Agee, de beroemde dubbelspion. En binnen zes weken had ik Fidel Castro een paar keer ontmoet. En kortom, ik was best wel connected. Het enige probleem was dat ik 25 jaar was. En als jij wilde investeren, dan moest je minimaal 10, 20 miljoen dollar meenemen. Dus ik kwam allemaal zakenlieden tegen in die dure hotels en die zei ik: nou, kunnen jullie me helpen? En dan hoorden ze mij aan en zeiden ze: ja, ik kan je inderdaad helpen, want je bent de enige die een beetje weet hoe het in elkaar steekt. Maar ja, ik kan niet aan mijn raad van bestuur uitleggen dat ik hier ga investeren, een hoog bedrag, op basis van het advies van een 25-jarige zonder enige werkervaring.
Bemshi de Visser: Precies.
Ivo Teulings: Ja, dus ik bleef daar plakken en ja, uiteindelijk kende ik wel mensen die een container met goedkope kleding wilden verkopen. Ik wist dan precies welke staatsbedrijven daarin geïnteresseerd waren en die geld hadden, dat was ook heel belangrijk.
Bemshi de Visser: En ja…
Ivo Teulings: Het was een hele rare tijd, want ik ging ernaartoe met echt maar een paar honderd dollar op zak. En zoals ik al zei, ik viel met mijn neus in de boter, dat ik al die connecties had, maar ik moest wel geld verdienen. Dus ik moest mijn netwerk een beetje op orde brengen. En het enige wat ik had, ik ging altijd heel goed gekleed. Ik had hele mooie linnen pakken. En je hebt een hele kleine elite en die gaat elke avond uit in een beperkt aantal uitgaansgelegenheden. En daar was ik altijd. En ik had steeds een mooie vrouw bij me, ik kwam in een mooie auto aanzetten. Dus iedereen dacht: wie is die vent? Ik was natuurlijk een nobody. Maar juist door die zweem van mysterie die om mij heen hing, dacht men: jij, fuck, hier kan ik gebruik van maken. Het was een hele rare periode, maar iedereen wilde mij kennen en daardoor kwam ik ook in aanraking met allemaal mensen die toch wat voor mij konden betekenen, waardoor ik toch wel, niet veel, maar genoeg kon verdienen.
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Dat was een hele bijzondere tijd.
Bemshi de Visser: En er komt ook op een gegeven moment iemand naar je toe die jou nucleair materiaal probeert te verkopen. Ivo, waar hebben we het over?
Ivo Teulings: Ja, en dat was echt bizar, dat was iemand die Red Mercury aan mij wilde verkopen. Die zei: oké, je moet even meekomen. En dat was wel vaker zo. En ja, wat ik al zeg, omdat ik gewoon toch een beetje dat mysterie en een imago op peil moest houden, kon ik nooit nee zeggen. Dus ik werd meegenomen in een garage in de buitenwijk. En daar stond een vat, een klein vat, met red mercury. En dat begrip mercury, dat is een mythische splijtstof uit de Sovjet-Unie. Dus die vent vroeg: “Ken je iemand die het wil kopen?” Dus ik zei: nou ja, god, ik heb even tijd nodig. Maar ik kan het altijd even proberen, ik wil geen nee zeggen. Maar het was natuurlijk heel bizar.
Bemshi de Visser: En heb je dat uiteindelijk gekocht?
Ivo Teulings: Nee, natuurlijk niet.
Bemshi de Visser: Ik weet het niet. Met al deze verhalen in dat Cuba had mij eigenlijk niks verbaasd, Ivo.
Ivo Teulings: Nee, maar ik heb wel een tekening gemaakt van het etiket wat erop zat, met allemaal chemische symbolen. En veel later, in Nederland sprak ik met de broer van een vriend van mij, een scheikundige die bij de militaire afdeling van TNO werkte. En ik vroeg aan hem: kijk nou even wat het is, want ik ben wel benieuwd of het echt iets is. En die heeft het toen daar in de databank ingevoerd, en binnen no time stond er een securityman naast hem om te vragen wat hij in godsnaam aan het doen was. Dus het was wel wat. Het was wel degelijk iets. Wat het nou precies was, weet ik niet.
Bemshi de Visser: Nee, maar misschien is dat ook wel goed ook.
Ivo Teulings: Maar ik heb het niet gekocht. Nee, zo gek ben ik niet.
Bemshi de Visser: Nee, oké. Maar het klinkt wel echt alsof je daar als een soort Nederlandse James Bond rondliep. Je had de juiste connecties, de juiste outfit, zo'n mooi leven. Hoe kijk je nu terug op die tijd?
Ivo Teulings: Ja, fantastisch. Een hele mooie tijd en het was heel spannend. Het enige is dat ik op het juiste moment ben weggegaan, want ik zat illegaal. Ik kon daar niet legaal een business opstarten. Werkelijk alles wat ik deed was illegaal. Dus ik dacht, het is mooi geweest.
Bemshi de Visser: En hoe lang heb je daar gezeten dan in totaal?
Ivo Teulings: Ja, ruim twee jaar.
Bemshi de Visser: Oké, ja.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: En toen, waar ging de reis heen?
Ivo Teulings: Nou, de reis ging naar Nederland, en al heel snel kwam ik op het idee naar Chili te gaan om te werken als correspondent. Ik kreeg een aanbod van het ANP en een paar tijdschriften om vanuit Chili te schrijven. En er was een bedrijf dat onderzoek wilde doen om daar een dependance te starten. Dat mocht ik dan doen, dus ik had een klein beetje geld.
Onbekende spreker: Hm-hm.
Ivo Teulings: En toen ging ik naar Chili.
Bemshi de Visser: En wat heb je daar allemaal meegemaakt, joh?
Ivo Teulings: Nou ja, in het begin eigenlijk helemaal niks, want ik had allemaal ideeën en dan belde ik op naar mijn potentiële opdrachtgevers van: nou, ik heb een leuk idee om dit en dat te schrijven. Nou, zeiden ze: nee, geen interesse, niemand is geïnteresseerd in Zuid-Amerika. Maar zes weken of acht weken nadat ik daar was aangekomen, toen werd Pinochet opgepakt in Londen. Pinochet, de dictator die in '73 Allende heeft afgezet en daarna daar een schrikbewind heeft neergezet en heel veel mensen heeft gemarteld, laten verdwijnen, et cetera, die was opgepakt in Londen. En toen was ik de enige Nederlandse journalist die daar zat en toen wilde opeens iedereen wel met mij praten. En toen had ik opeens elke dag radiopraatjes voor de tv en moest ik voor verschillende bladen elke dag een stukje schrijven. Dus heb ik wel geleerd onder druk kopij aan te leveren. Dat was eventjes heel spannend. Maar ja, toen dat was overgewaaid, toen was het weer business as usual. Dus zag niemand mij meer staan, en een jaar daarna ben ik daar weer vertrokken. Maar het was een spannende tijd.
Bemshi de Visser: Ja, en je hebt ook nog een paar maanden onderzoek gedaan naar kindsoldaten in Ivoorkust en Liberia voor de Europese Commissie. Kijk, Cuba, dat was een wereld waar toentertijd mensen niet heel veel over wisten, en dan kindsoldaten. Het zijn wel mysterieuze werelden, of ook wel de schaduwkant van het leven. Waarom zoek je juist deze plekken op?
Ivo Teulings: Nou, daar had het niet zo weinig mee te maken. Kijk, ik ben goed in staat om me snel in materie te verdiepen en om daar een beeld van te vormen en om het over te brengen. En dat hadden ze nodig voor Afrika, want de situatie van kindsoldaten was toen een speerpunt voor het buitenlandse beleid van de Europese Commissie. Dus die wilden een advies hebben van wat ze daar moesten doen, welke organisaties ze konden financieren en welke niet. En toen via via werd ik daar naartoe gestuurd. Ja, weet je, ik hou van het avontuur. En dit is avontuurlijk. Wie gaat er nou, godsamme, naar Liberia of naar Ivoorkust, waar gewoon nog een burgeroorlog aan de gang was? Ik vond het fantastisch. En ik heb daar op zich wel goed werk verricht, want daarna werd ik door allemaal organisaties, door de Wereldbank en zo gevraagd: kun je het ook niet een keertje in de Congo doen? En zo is het allemaal niet doorgegaan. Maar ja, het was wel een spannende tijd.
Bemshi de Visser: Ja. En de hele tijd ben je eigenlijk van plek naar plek aan het reizen. Misschien is dit een hele Nederlandse vraag hoor, die ik nu ga stellen, maar waarom zo graag weg uit Nederland?
Ivo Teulings: Ja, weet ik niet. Ik ben snel verveeld. Ik heb me altijd Europeaan gevoeld, maar nooit specifiek Nederlander. En ik had geen bijzondere band met het land. Ik haat Nederland niet of zo, maar ik had het wel een beetje gehad. En nadat ik naar Málaga ben verhuisd heb ik Nederland nooit echt gemist. Ik voel me hier meer thuis.
Bemshi de Visser: Ja, precies.
Ivo Teulings: Het is niet dat ik per se weg moest of zo, maar op andere plekken vond ik het interessanter.
Bemshi de Visser: Ja. Net noemde ik jouw reizen eigenlijk de schaduwkant van de wereld. Maar daarover gesproken: schrijver Arthur van Amerongen, die heb je net ook al even benoemd, die zei: ga dan een boek schrijven over je Tourette. Jullie hebben samen het boek Costa del Coke geschreven, een roadtrip in het spoor van de cokemafia in natuurlijk de Costa del Sol. En True Gonzo staat op de cover. Kun jij me iets meer vertellen over deze roadtrip?
Ivo Teulings: Ja, het is ook weer zoiets, want Arthur wilde al heel lang samen met mij een boek schrijven en zei: Ja, we gaan een boek schrijven over de drugscriminaliteit in Andalusië. Nu zijn er weinig dingen waar ik minder interesse in heb dan criminaliteit en drugs, om erover te schrijven dan. Maar hij belt steeds op met zo'n running gag van: Wil je samen met mij een boek schrijven? Nee, en dan leg ik de telefoon weer neer. En toen kwam hij op de proppen met een uitgever die alleen maar bestsellers verkoopt, en ik dacht: oké, nou goed, dan schrijven we een boek, het is altijd gezellig met hem, we hebben vreselijk veel lol samen...
Bemshi de Visser: Hm.
Ivo Teulings: En dan verkopen we honderdduizend van die boeken en dan hoef ik een jaar niet te werken. Dat was een beetje het idee.
Bemshi de Visser: Klinkt lekker.
Ivo Teulings: Toen zijn we dus dat boek gaan schrijven, en zei ik: oké, we gaan het dan wel op de gonzo manier schrijven. Dus de gonzo-journalistiek, dat is participerende journalistiek van Hunter Thompson, Fear and Loathing in Las Vegas, dat is het bekendste voorbeeld. En dat betekende in dit geval dus dat wij niet alleen achter ons bureau krantenberichten gingen uitpluizen en databanken gingen doorzoeken. Nee, gewoon, overdag gingen we met de politie mee op boevenjacht, en de andere nacht gingen we naar een of andere zigeunerwijk waar het gebeurt. En dan gaven we die lui een paar honderd euro van: oké, kom eens eventjes hier zitten, wie wil de drugs hier, koop maar wat heroïne, koop maar wat crack, dan gaan we even praten. Het was hartstikke gezellig, dan kwam er iemand met een gitaar bij zitten, er werd muziek gemaakt, en dan komen de verhalen. Want dat zijn de mensen die echt midden in die drugshandel zitten, en die vertellen dan over hoe het eraan toegaat.
Bemshi de Visser: Maar was dat eigenlijk het enige wat er voor nodig was om hen te laten praten? Wat drugs?
Ivo Teulings: Ja, omdat dit zijn wijken waar de politie niet eens durft te komen. Er komt echt nooit iemand. Dus ze zagen twee van die malloten aankomen met geld op zak, die gratis drugs uitdelen. Dat vonden ze ook wel interessant dus.
Bemshi de Visser: Ja, en ik denk ook wel dat onze luisteraars het wel interessant vinden wat er dan aan de Costa del Sol gebeurt, want dat is een grote vakantiebestemming voor Nederlanders. Want wat vond je nou het meest bizarre van de dingen waar jullie achter zijn gekomen?
Ivo Teulings: Nou goed, ten eerste: tachtig procent van de drugs die Europa binnenkomt, komt hier binnen.
Bemshi de Visser: Hier bij jullie, ja?
Ivo Teulings: Bij ons,
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Dus Cádiz en Málaga, dat is het voornamelijk. En tot voor kort was dat voornamelijk La Línea, dat is naast Gibraltar. Klein stukje waar echt zeventig procent van de bevolking leeft van die drugs. En heel lang kwamen daar gewoon elke dag vijf, zes, zeven van die snelle bootjes aan, helemaal volgeladen met hasj. En daar werd niks aan gedaan, omdat mensen het niet echt als een probleem zagen. Tenminste, de regering in Madrid. Dus heel lang ging dat goed, tot het op een gegeven moment toch een beetje uit de klauwen liep, ook omdat er allemaal clans toch een beetje te rijk en te machtig werden. Je had vrij veel geweld op een gegeven moment. En toen is de politie daar wat versterkt, waardoor die smokkelroutes zich moesten verspreiden naar andere gebieden langs de kust. Dat betekende ook dat die criminele families moesten gaan opereren in het gebied van andere criminele clans. Nou ja, daar krijg je natuurlijk ellende van, want het ging om heel veel geld, heel veel geld. Dat was één ding. En ten tweede, het begon met hasj en het kwam allemaal vanuit Marokko. En de cocaïne, wat natuurlijk veel groter is, waar veel meer geld mee te verdienen is, dat ging tot voor kort allemaal via de havens van Rotterdam en Antwerpen en via Galicië. En nu komt bijna alles binnen, ook hier, door diezelfde netwerken van voornamelijk Nederlanders en Belgen van Marokkaanse komaf, die hebben het helemaal overgenomen. En dat is in een echte sneltreinvaart gegaan en die lui zijn waanzinnig gewelddadig. Het is echt een probleem hier, echt een groot probleem.
Bemshi de Visser: En je ziet dat nu natuurlijk, want je bent er gaan wonen in Málaga. Dus kijk je er dan nu ook met een andere blik naar natuurlijk? Want je bent journalist of je bent het niet, dat kan je natuurlijk niet uitzetten, neem ik aan. Dus wat merk jij daarvan in je eigen omgeving?
Ivo Teulings: Ik woon hier tweehonderd meter van het strand en die laatste tweehonderd meter, dat zijn echt die oude arbeiderswijken. En dat is een beetje waar vrij veel handel is en dan zie je wel mensen die in een net wat grotere auto rondrijden dan je zou verwachten. Die zijn er duidelijk bij betrokken. En als je er dan iets dieper induikt, dan merk je ook wel dat er hele grote netwerken zijn, families die er echt van leven hier. Maar hoe het precies in zijn werk gaat, ja, dan moet je diepgravend onderzoek doen, daar heb ik ook geen zin in, dat is gewoon levensgevaarlijk.
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Dat was eigenlijk mijn volgende vraag ook, want je hebt natuurlijk een boek geschreven hierover, Costa del Coke. En nu ben je er gaan wonen. Heb je daar ooit ook over nagedacht van: hé, is dit tactisch? Loop ik geen gevaar?
Ivo Teulings: Ik woonde hier al hoor, want ik woon hier al negen jaar.
Bemshi de Visser: O, tuurlijk, ja, dat is natuurlijk ook zo.
Ivo Teulings: Nee, kijk, ik kreeg eigenlijk de opdracht van die uitgever: nou oké, je moet een boek schrijven. We willen graag een boek hebben over die drugshandel. En toen zei ik: nou, is prima, maar ik ga alleen zaken opschrijven die al zijn gepubliceerd, plus mijn eigen observaties tijdens die roadtrip die ik met Arthur heb gemaakt, maar ik ga geen grote schurken ontmaskeren of zo, want dat is gewoon hartstikke gevaarlijk.
Bemshi de Visser: Ja, dat maar even lekker laten gaan. En dan maak je dus een roadtrip. Het is gevoelige materie waar je achteraan gaat. Je hebt Gilles de la Tourette, maar je zei ook aan het begin van het gesprek: het is een beetje een mysterieus knikje. Dus ik zie dat voor me als een soort van stoerachtig knikje, ik weet niet, ja, ik ben het me nu zelf aan het inbeelden. Maar heeft dat je ook nog tijdens die roadtrip in problemen gebracht?
Ivo Teulings: Nee, eigenlijk helemaal niet. En het was misschien ook wel omdat het soms best wel gevaarlijke situaties waren. En als ik dan die spanning in mijn lijf heb, tenminste, dat denk ik, dan is het minder of kan het gewoon helemaal stoppen. Ik heb het gewoon niet door. Het heeft geen rol gespeeld.
Bemshi de Visser: En je zegt: wat gevaarlijke, spannende situaties, kan je daar iets meer over uitleggen?
Ivo Teulings: Nou, wat ik net al zei, dat wij naar een wijk gaan waar de politie niet durft te komen. Kijk, ik ben niet bang. Ik ben nergens bang voor. En Arthur ook niet. En dat versterkt elkaar. Dat maakt het ook best wel gevaarlijk. Kijk, normaal als ik met andere vrienden op pad ga en ik zeg: oké, we gaan dit doen, en als dat iets is wat gewoon niet zo slim is of best wel gevaarlijk, dan word ik tegengehouden door mijn vrienden van: nee, nee, dat gaan we niet doen. Maar bij Arthur is het zo, als wij lezen van een of andere wijk waar niemand durft te komen, dan zeggen we: oké, daar moeten we naartoe, daar liggen de verhalen. Dus in dat soort situaties komen we continu terecht.
Bemshi de Visser: Is dat een goede combi of is het eigenlijk een giftige combi, jij en Arthur?
Ivo Teulings: Nou, voor dat boek wel, maar je moet het niet twintig jaar achter elkaar doen, dan overleef je het niet. En het grappige is, als je de recensies van ons boek leest op bol.com: sommige mensen vinden het fantastisch, maar anderen schrijven: ja, ze hebben het maar uit de duim gezogen en het is allemaal onzin. En dat is grappig. We hebben natuurlijk heel veel dingen verzonnen, maar die echt heftige dingen, die zijn allemaal echt waar gebeurd.
Bemshi de Visser: Oh ja? Maar waarom denken mensen dat het nep is of verzonnen is?
Ivo Teulings: Omdat ze gewoon denken: dat doet niemand. Ze verwachten niet dat je het werkelijk aandurft om je in het hol van de leeuw te begeven, dat doet men niet. Dat verwachten ze niet.
Bemshi de Visser: Nee, en dat doe je toch.
Ivo Teulings: Ja, dat doen we toch, ja.
Bemshi de Visser: En nu dan, nu zit je lekker al negen jaar in Málaga. Hoe zit het nu met het schrijven? Want het lijkt me heerlijk als je daar... Dit is misschien ook weer zo'n perfect beeld wat ik bij Spanje heb, dat je daar lekker met een glaasje wijn en een tapa zit... Ben je momenteel aan het schrijven?
Ivo Teulings: Ja, ik heb net weer een nieuw boek afgerond en daar kan ik niks over zeggen, want het is onder pseudoniem.
Bemshi de Visser: Oké.
Ivo Teulings: Ja, dat heeft een bepaalde reden, maar dat wordt waarschijnlijk ook een tv-serie. Daar ben ik mee bezig, maar daar kan ik nu niets over zeggen.
Bemshi de Visser: Geweldig.
Ivo Teulings: Hierna wil ik eigenlijk een filosofische roman schrijven, waar ik heel lang mee bezig ben, die zich afspeelt in Cabo de Gata, dat is een heel mooi natuurgebied bij Almería, hier drie uur vandaan. En dat grenst ook aan de woestijn van Tabernas, waar alle spaghettiwesterns zijn opgenomen.
Bemshi de Visser: Oké.
Ivo Teulings: Maar dan moet ik eerst even wat opdrachten hebben, want ik heb wat geld nodig om daar twee maanden te bivakkeren en tijdens het schrijven verdien je niks. En na het schrijven ook niet, je moet maar hopen dat het wordt verkocht, hè.
Bemshi de Visser: Ja. Want hoe is het met Costa del Crime gegaan? Want je zei: ik hoop honderdduizend exemplaren en dan hoef ik even niet te werken.
Ivo Teulings: Ja, daar had ik dus pech, want die uitgever, dat was echt een uitgever van bestsellers, van Peter R. de Vries en zo. Toen het uitkwam had hij geregeld dat we op Schiphol lagen, een hele tafel helemaal vol met onze boeken, met allemaal posters eromheen. Maar het kwam uit tijdens de covidperiode, dus niemand vloog, dus we hebben pech gehad. En we hebben toen vijfduizend boeken verkocht. Mijn huidige uitgever heeft het onlangs opnieuw uitgebracht en volgens mij verkoopt het weer aardig.
Bemshi de Visser: Ah kijk, hartstikke goed. En hoe gaat het met de verkoop van Raar, Tourette en ik?
Ivo Teulings: Ja, de boekhandel koopt het niet in. En als hij het inkoopt, dan ligt het op de zelfhulpafdeling psychologie.
Bemshi de Visser: Dus…
Ivo Teulings: Als een boekhandel luistert: koop het in.
Bemshi de Visser: Ja, koop het in en leg het. Maar waar zou je hem zelf neerleggen?
Ivo Teulings: Ja, gewoon bij de literatuur.
Bemshi de Visser: Gewoon bij de literatuur. Nou, als jullie luisteren, verplaats dat boek even, want dat is helemaal niet de bedoeling. Want jij bent wel iemand, Ivo, jij bent iemand die in avonturen duikt en totaal dus niet bang is. Want ik dacht al bij je eerste verhaal over Cuba: nou, mij niet gezien. Maar wat neem jij nou mee als grootste les uit dit leven? Gewoon vol avontuur. En toeval, want je hebt ook echt heel veel toeval gehad.
Ivo Teulings: Ja, toeval, maar ook geluk. Maar kijk, geluk dwing je ook af, hè.
Bemshi de Visser: Ja.
Ivo Teulings: Ja, ik vind dat je gewoon een beetje onbevangen in het leven moet staan. Kijk, in mijn geval: ik ben niet bang aangelegd en ik ben snel verveeld, dus ik ren maar steeds een kant op waar iets nieuws gebeurt. Maar ja, dat is niet voor iedereen weggelegd. Als je gewoon bang bent aangelegd, dan moet je dat vooral niet doen, want dan krijg je een hartaanval. Dat wil je ook niet.
Bemshi de Visser: Hoogstwaarschijnlijk.
Ivo Teulings: Nee, voor mij is het gewoon: je leeft maar één keer en daar wil ik gewoon het meeste uithalen. Maar ja, het is natuurlijk ook niet zo dat ik continu op avontuur ben, de afgelopen twee jaar is er bij mij ook weinig spannends gebeurd.
Bemshi de Visser: Het komt gewoon vaker op jouw pad dan bijvoorbeeld op mijn pad. En dan wil ik nog even terugkomen op je meest recente boek, Raar, Tourette en ik. Waarin ben jij, denk je, het raarst?
Ivo Teulings: Ja, nou toch die tikken, dat valt toch een beetje op, hè? Maar ook misschien, wat je nou zegt, zoals ik in het leven sta. Ik heb twee studies gedaan, maar ik heb nul carrière gemaakt. Ik kan toevallig een beetje schrijven, dat is het enige.
Bemshi de Visser: Ja, nul carrière gemaakt binnen je studierichting natuurlijk.
Ivo Teulings: Ik heb wel een tijd binnen de PR gewerkt, daar was ik goed in. Maar ja, iedere keer als ik dan ergens weer weg was, dan viel ik altijd terug op schrijven. Ik ben gewoon gedoemd om te blijven schrijven.
Bemshi de Visser: Nou ja, er zijn ergere dingen in het leven natuurlijk. Ivo, ik wil jou ontzettend bedanken dat je bij mij te gast wilde zijn deze nacht. En ik wens je nou nog een heerlijke broeierige nacht in Málaga. Ga je weer slapen of blijf je wakker nu?
Ivo Teulings: Nou, ik ga op een gegeven moment wel weer slapen, maar ik heb twee katten die me heel boos aankijken, want die zeggen: normaal zou je een paar uur geleden al in bed liggen.
Bemshi de Visser: Ja, precies, dat ken ik. Die zijn strikt, die zijn streng.
Ivo Teulings: Ja.
Bemshi de Visser: Ivo Teulings, ik wil je ontzettend bedanken. Zijn boek Raar, Tourette en ik is nu verkrijgbaar, dus boekenwinkels, luister. En Ivo, ik ga je ontzettend bedanken en slaap lekker.
Ivo Teulings: Ja, jij ook, dank je wel.
Bemshi de Visser: Dank je wel.